Tekenkunsten

zomer 2015, tijdens een weekje weg, besloot ik om het tekenen maar weer eens op te pakken. Dit idee was eigenlijk al vlak voor de vakantie opgekomen en dus had ik mijzelf al voorbereid door het meenemen van potloden en een tekenblok. Of na ja, eigenlijk was het stiekem een aquarelblok, wat niet zo heel fijn bleek voor grafiettekenen, dus stiekem in de vakantie toch een tekenblok erbij gekocht, maar dat mocht de pret niet drukken…

Eerst een vooral grappige tekening gemaakt, maar toen wilde ik toch gaan voor het “echte” werk… En dus het internet afgestruind naar een leuke foto, die als voorbeeld kon dienen. Toch stiekem best handig, je laptop mee op vakantie… 😉

De voorbeeldfoto werd gevonden en dus kon het tekenen gaan beginnen. Het was al weer een aantal jaar geleden, dat ik grafiettekening had gemaakt, dus veel ervaring had ik nog niet. Rekening houdend met het gebrek aan ervaring was ik toch niet ontevreden over het resultaat…

En ik had met het tekenen van deze olifant weer herontdekt, dat ik tekenen eigenlijk wel heel erg leuk vind.

Ik had de smaak dus te pakken… Dus ik ging verder met experimenteren. Waarbij de tekening na de olifant het niet tot het eindstadium gered heeft, ja dat kan ook nog 😉 En daardoor ook niet de foto gered heeft…

Direct na ons weekje Schoorl, want daar zat ik met mijn moeder, ben ik echter begonnen aan een tekening waar ik best trots op ben. Helaas is het verhaal achter de tekening echter iets minder leuk…

(door het inscannen ziet de tekening er helaas wat korreliger uit)

image-2015-08-07(3)

Juli 2015 – Een vreemde gewaarwording

Het is nog heel vroeg in de ochtend, nog maar amper licht buiten. Ik wordt wakker, vreemd want normaal slaap ik altijd door tot de nacht echt voorbij is. Maar nu niet, maar dat besef ik mij op dat moment nog niet. Het is al een beetje licht in de kamer en ik zie naast mij op bed iets vreemds liggen. Het is een polsbandje. Ik pak het bandje en bekijk het wat beter. Ik zie dat mijn naam er op staat. Ik zie nog wat naast me liggen, plakkers. Ik pak ze op en weet eerst niet goed wat voor plakkers het zijn, maar dan krijg ik een raar gevoel, een gevoel van: dit kan niet waar zijn. Ik begin namelijk te beseffen wat het voor polsbandje is. Op het bandje staat nog meer, mijn geboortedatum en mijn adres. Mijn burgerservicenummer en mijn huisarts zijn niet ingevuld, daar hebben ze blijkbaar niet achter kunnen komen, maar dat besef ik mij allemaal nog niet op dat moment. Ik wordt bang en weet niet goed of ik droom of dat ik wakker ben. Ik ben niet alleen in het huisje, dat weet ik wel. Ik weet waar ik ben, in het vakantiehuisje. Samen met mijn moeder was ik een weekje weg. Zal ik haar wakker maken? Maar ik weet niet eens, of ik zelf eigenlijk wel wakker ben.
Ik weet alleen, dat ik van datgene dat naast me ligt, helemaal niets begrijp en dat maakt me angstig. Ik probeer verder te slapen, in de hoop wakker te worden en te beseffen, dat het allemaal maar een droom is geweest. Slapen lukt echter niet meer. Ik blijf maar malen in mijn hoofd. Ik wil weten wat er gebeurd is. Ik stap uit bed en ga naar het toilet. In de badkamer kijk ik in de spiegel en ik zie sneetje op mijn neus, weer iets waarvan ik niet weet hoe ik daar aan gekomen ben. Even later loop ik weer terug naar de slaapkamer. Ik hoop dat als ik terugkom, dat die nare attributen van mijn bed verdwenen zijn, dat het toch een overblijfsel van een droom was. Helaas, als ik terugkom liggen ze er nog steeds. En ik zie nog wat liggen, mijn paardrijbroek en de sokken die ik aan zou trekken met paardrijden. Ik pak de paardrijbroek. De broek is een beetje vochtig en lijkt gedragen te zijn.
Heb ik dan toch paard gereden?
Maar dat kan niet, want dan zou ik dat toch wel geweten hebben?
Uiteindelijk val ik toch nog in een onrustige slaap.
Een paar uur later wordt ik gewekt door mijn moeder. “Hoe gaat het?”, vraagt ze
“Mam, heb ik dan wel paardgereden?”
“Weet je dat dan niet meer?”
“Nee!”
“Je bent van het paard gevallen.”
Ik begin te beseffen dat er toch echt iets gebeurd is. Ik zoek mijn fototoestel en zie mijzelf op het paard zitten. Ik ben de vorige dag naar de manege gegaan. Vage flarden komen naar boven. Een fries, ik zou op een fries gaan rijden. Nee, toch niet, want op de foto’s zat ik op een pony. Blijkbaar is er geruild en ben ik niet op de fries gegaan.
En verder? Ik graaf krampachtig in mijn geheugen. Maar er komt niets meer boven. Ik weet het echt niet meer. Een hele rare gewaarwording.
Ik ga mijn spullen inpakken. Rustig aan, want ik voel mij niet heel fit, maar de spullen moeten toch weer in de koffer. Het is namelijk de laatste ochtend van de vakantie. De laatste ochtend? Voor mijn gevoel zijn we hier helemaal nog geen week. Ook de rest van de vakantie lijkt ineens een soort van droom. In een soort van roes, niet wetend of ik wel of niet al wakker ben ga ik nog een laatste keer douchen. Onder de douche probeer ik wakker te worden, nog steeds hopend dat het een droom was.
Na het douchen en ontbijt doen we de laatste spullen in de auto en zetten we mijn moeders’ fiets op de fietsendrager. Alleen haar fiets, want mijn fiets staat nog op de manege.
Met de auto rijden we naar de manege. Nog geen 5 minuten rijden.
Op de manege worden we vriendelijk ontvangen en krijgen we koffie en thee aangeboden. Bezorgd vragen ze me hoe ik me voel. Op mijn beurt vraag ik wat er gebeurd is.
Ook vraag ik of ik de pony mag zien, waarop ik gereden heb. De pony staat nog op stal. Ik sta bij de stal en maak foto’s. Opnieuw een rare gewaarwording. Ergens in de krochten van mijn hersenen lijk ik de pony te herkennen. Of herken ik de pony van de foto? Want herinneren doe ik mij de pony niet. Heel raar en ook een beetje eng.
De rit ging goed, hoor ik, alleen op het strand wilde mijn pony, de anderen inhalen.
Ik schijn nog geroepen te hebben. Het meisje van de manege heeft nog omgekeken, meer weet ik niet. Behalve dat ze me verteld hebben, dat ik van de pony gevallen ben. Hoe? Ik weet het niet? Misschien hebben ze het wel verteld, maar ben ik het weer vergeten.
Ik ben weer op de pony gestapt. Dat moet wel, want mijn moeder heeft nog foto’s gemaakt, van toen we terugkwamen op de manege. En op die foto’s zat ik op de pony.
En wat is er daarna gebeurd? Er moet nog iets gebeurd zijn. Een reden waarom alsnog de ambulance is gekomen. Die reden zal niet zijn geweest dat ik zittend op de pony aan kwam rijden… Nee, er moet iets anders gebeurd zijn…
Ben ik niet goed geworden? Ben ik onderuit gegaan op stal? Ik graaf wederom in mijn geheugen. Opnieuw tevergeefs.
Van mijn moeder had ik inmiddels gehoord, dat ik een hersenschudding had.
Dat ik in het ziekenhuis geweest was, dat wist ik al door het polsbandje.
Maar hoe en wat verder? Ik weet het niet. Zal ik het mij ooit nog herinneren? Op de weg naar huis, was ik bij. Ik wist precies de weg naar huis. Tenminste, dat zegt mijn moeder. Maar ik heb het niet opgeslagen in mijn herinnering. Een hele gekke gewaarwording, ook voor mijn moeder. Want hoe kan het, dat iemand helemaal bij is en het zich de volgende dag niet meer kan herinneren? Toch een raar iets zo’n hersenschudding!
En ook een raar einde van de vakantie. Wat het hoogtepunt van de week had moeten worden is een…. Ja, wat is het geworden? Ik had het mij in ieder geval heel anders voorgesteld. Maanden naar uitgekeken en speciaal voor gespaard. En weg is het. Als een gecrashte harde schijf. Zou het ooit nog terugkomen?
En nu? Sparen voor een nieuwe rit? Ook voor deze rit had ik gespaard. Ik had mij er vreselijk op verheugd. Er op verheugd het gevoel van vrijheid te ervaren wanneer je op een paard zit. Het warme paardenlijf onder je. Het ritme van de stap, de draf, de galop. De galop? Ben ik bang geweest voor ik er af viel? Voelde ik het aankomen? Genoot ik verder wel van de rit? Allemaal vragen…

Inmiddels ben ik weer thuis. Na een paar dagen bij mijn moeder te zijn geweest, ben ik gisteren weer thuis gekomen. Nog steeds met een onwezenlijk gevoel. Vanmorgen werd ik wakker en ik zag de koffers nog staan in huis. Gisteren had ik niet meer de fut deze op te ruimen. De autorit naar huis was al vermoeiend genoeg. Hoofdpijn en duizeligheid dwongen me te rusten. Vanmorgen stonden ze dus daar, midden in de kamer, als een stille getuigen dat ik echt op vakantie ben geweest.
Net als de cap. Ik bekijk de cap nog eens goed. Er zit een scheurtje in, als bewijs van een heftig einde van een weekje weg.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s